Op
1 april 2003 is de Rijkswet op het Nederlanderschap ingrijpend gewijzigd. Deze
wet regelt wie Nederlander is en wie Nederlander kan worden. De veranderingen
kunnen voor u van belang zijn. Eén van de wijzigingen betreft de mogelijkheid
voor een bepaalde groep oud-Nederlanders om het Nederlanderschap te herkrijgen,
door het afleggen van een optieverklaring[1] bij een Nederlandse ambassade of
consulaat. Dat kan nog tot en met 31 maart
2005.
Bent u geboren in een land waarvan u, naast het Nederlanderschap, door geboorte ook de nationaliteit verkreeg? Heeft u een onafgebroken periode van 10 jaar na uw 18e verjaardag in het land van uw geboorte gewoond? U heeft dan in de meeste gevallen het Nederlanderschap verloren op 1 januari 1995. Als u na 1 januari 1990 geen Nederlands paspoort of bewijs van Nederlanderschap meer heeft ontvangen, komt u in principe in aanmerking voor herkrijging van het Nederlanderschap door optie. U kunt tot en met 31 maart 2005 een optieverklaring afleggen.
Let op! U moet hiervoor persoonlijk verschijnen bij de Nederlandse ambassade of consulaat. Na 31 maart 2005 is het niet meer mogelijk om van deze optiemogelijkheid gebruik te maken. Hierop worden geen uitzonderingen gemaakt.
Behoort u tot de hierbovengenoemde groep oud-Nederlanders, en bent u geïnteresseerd in de optieregeling, neemt u dan zo spoedig mogelijk contact op met de Nederlandse ambassade of consulaat in het land waar u woont.
Voor meer informatie kunt u kijken op de website www.minbuza.nl/nederlanderschap of, voor Engelstalige informatie, op www.minbuza.nl/dutchnationality.
[1] Een optieverklaring is een formulier waarop u verklaart dat u het Nederlanderschap wilt (terug-)krijgen. De optieverklaring moet vervolgens worden bevestigd door de Nederlandse ambassade of het consulaat.